
Veronique
Huijbregts
In de zomer willen mensen graag van de
zon genieten. Maar dat is niet voor iedereen
weggelegd. Zeker niet voor mensen met de
uiterst zeldzame aandoening Xeroderma
Pigmentosum (XP).
‘Ik kan niet tegen de zon,’ vertelt de
zeventigjarige Adry Visser - De Jong. ‘Als
kind kreeg ik steeds plekjes in mijn
gezicht. Mijn moeder nam me mee naar de
huisarts en de specialist. Die wisten er
geen raad mee en namen ook geen biopsie. Dat
gebeurde pas voor het eerst toen ik achttien
was. Toen werd vastgesteld dat die plekjes
huidkanker waren.’ De plekjes werden
bestraald, maar nog altijd wist de jonge
Adry niet hoe het kwam dat zij zo snel
huidkanker kreeg.
Eén per miljoen
Daar kwam ze pas rond haar dertigste achter,
toen een medisch- ioloog van het Erasmus MC
nader onderzoek deed. Deze specialist
ontdekte dat Adry de uiterst zeldzame
aandoening XP had, een overgevoeligheid voor
zonlicht waardoor snel huidkanker ontstaat.
Het is een erfelijke aandoening die je
alleen krijgt als je beide ouders dat
defecte gen hebben. Dat komt één keer per
miljoen mensen voor, vertelt mevrouw Visser.
Zij heeft de aandoening gelukkig niet in de
ergste variant A, maar is ingedeeld als ‘E’
op een schaal die loopt tot G. Dat wil
zeggen dat haar huid zich nog voor 50
procent herstelt van schadelijke UV-straling.
Zij kan nog naar buiten als de zon schijnt.
‘Ik smeer me in met sunblock en een gel, heb
een zonnehoed op en bedek mijn armen en
benen helemaal. Maar mensen die de ziekte in
de ergste vorm hebben, mogen helemaal niet
in de zon komen en moeten een kap dragen die
lijkt op de kleding van een imker.’
De aandoening weerhoudt mevrouw Visser en
haar man er niet van erop uit te gaan. In
het voor- en najaar en in noordelijke landen
waar de zon minder fel prikt kan het
echtpaar van vakantie genieten. Toch
beïnvloedt de aandoening het leven van
mevrouw Visser flink. ‘Bij deze ziekte hoort
dat het immuunsysteem niet helemaal goed
functioneert. Ik voel me vaak niet lekker en
ben vatbaarder voor ziektes. Maar omdat
internisten de ziekte niet kennen, geloven
en begrijpen ze me niet. Ze zien het verband
met XP niet. Alleen huidartsen kennen deze
ziekte. Maar specialisten werken nauwelijks
samen en wisselen weinig informatie uit. Ik
dokter al mijn leven lang.’ Maar vervelend?
Ach, relativeert ze, het hoort gewoon bij
haar leven.
Lotgenotenweekend
Over de zorg die mevrouw Visser van
huidartsen krijgt is ze erg tevreden. Ze
bemoeit zich graag met de behandeling. Want
er zijn allerlei manieren om de terugkerende
plekjes huidkanker te bestrijden, zoals
plastische chirurgie, behandeling met
vloeibaar stikstof en fotodynamische
therapie, en bij uitzondering bestraling.
Over de keuze daarvan denkt ze graag mee,
want ze wil er graag ‘acceptabel’ blijven
uitzien. Omdat het zo’n zeldzame aandoening
is, kent Nederland geen patiëntenvereniging
voor mensen met XP. Die zou immers hooguit
zestien leden tellen! Maar in grotere
landen, zoals Duitsland en Frankrijk, zijn
er meer mensen met de aandoening en zijn er
wel bijeenkomsten van patiënten. Mevrouw
Visser gaat jaarlijks in Duitsland naar een
weekend waar ze lotgenoten ontmoet, geniet
van een fijn hotel en informatie krijgt over
de nieuwste ontwikkelingen op het terrein
van de behandeling van XP. Dat is plezierig,
zegt ze. Ze verheugt zich nu al op de
eerstvolgende bijeenkomst, in november. Van
het bestaan van de Stuurgroep
Weesgeneesmiddelen (zie kader) hoorde ze pas
onlangs. ‘Dat had ik graag eerder geweten.
Ik kan ze inschakelen als ik steun nodig heb
bij mijn contacten met artsen. Dat is goed
om te weten!’ |
Aandacht voor zeldzame aandoeningen
Van zeldzame aandoeningen zoals Xeroderma
Pigmentosum (XP) bestaan er naar schatting
vijf- tot achtduizend. Naast zeldzame
huidaandoeningen zijn er ook zeldzame
spierziekten, chromosoomafwijkingen of
bijvoorbeeld stofwisselingsziekten. Zeldzame
ziekten komen bij hooguit vijf op de
tienduizend mensen voor en zijn vaak
levensbedreigend of invaliderend. In Europa
krijgt naar schatting zes tot acht procent
van de bevolking er zelf of via een naaste
mee te maken, dat zijn in Nederland zo’n
miljoen mensen. Voor de diagnose, preventie
of bestrijding van veel van deze ziekten
bestaat nog geen remedie. De middelen die
ertegen worden ontwikkeld heten
weesgeneesmiddelen, naar het Engelse ‘orphan
drugs’. Speciale Europese regels stimuleren
onderzoekers en de farmaceutische industrie
om weesgeneesmiddelen te ontwikkelen ondanks
de hoge kosten en de kleine afzetmarkt. Op
die manier zijn er in Europa 50
weesgeneesmiddelen op de markt gekomen. Door
gebrek aan kennis van zeldzame aandoeningen
bij artsen en onderzoekers worden ze vaak
pas laat en na een lange lijdensweg ontdekt
en behandeld. Daarom is in 2001 de
Stuurgroep Weesgeneesmiddelen opgericht, die
de ontwikkeling van geneesmiddelen
stimuleert en de situatie van mensen met een
zeldzame aandoening wil verbeteren. Dat doet
zij door onbegrip te bestrijden en meer
aandacht voor deze aandoeningen te vragen
bij het algemene publiek, maar vooral ook
bij politici, wetenschappers en de
farmaceutische industrie. Jaarlijks
organiseert de stuurgroep samen met de VSOP,
KNMP en het Zeldzame Ziektenfonds de
Zeldzame Ziekten Dag. In 2009 vond deze
plaats in Duinrell. Ook internationale
samenwerking is heel belangrijk voor de
bestrijding van zeldzame aandoeningen. Want
alleen een actieve houding en samenwerking
met betrokkenen over de hele wereld kan
voorkomen dat mensen met een zeldzame
aandoening onnodig lang moeten wachten op
adequate zorg.
Contact: 070-3495211 of
wgm@zonmw.nl
Meer informatie en brochure op:
www.weesgeneesmiddelen.nl en
www.zeldzameziektendag.nl |
 |